Aanpak jongvolwassenen

Overlast door jongeren. Of jongeren die balanceren op het randje van de criminaliteit. Veel gemeenten hebben er mee te maken. De reclassering heeft een speciale aanpak voor jongvolwassenen vanaf 16 jaar ontwikkeld: een combinatie van controle en begeleiding. 

Een derde van alle veroordeelden onder toezicht is tussen de 18 en 25 jaar. Daarom gaan gemeenten en de reclassering zoveel mogelijk preventief aan de slag te gaan met jongeren in risicogroepen of criminele jongerengroepen. We werken daarbij samen met politie, scholen, zorgorganisaties en wijkteams.

Strenge controle en perspectief bieden

Strenge controle en ‘er bovenop zitten’, de omgeving betrekken en perspectief bieden op leren of werken – daar komt de aanpak van de reclassering in het kort op neer. Verder afglijden voorkomen, is het doel van onze aanpak. Jongeren zijn sterker vatbaar voor gedragsverandering en kunnen met de juiste ondersteuning hun leven opnieuw vormgeven, zonder terug te vallen in crimineel gedrag.

De reclasseringswerker zoekt de jongere thuis op, gaat mee naar belangrijke afspraken. Samen met scholen en re-integratiebedrijven organiseert hij een zinvolle dagbesteding. Ook problemen op andere leefgebieden zoals schulden brengen we in kaart. Dat biedt jongeren vaak de nodige extra structuur. 

Grote steden en criminele jongeren

In de grote steden is de overlast en criminaliteit door jongeren groter dan daarbuiten. Zo worden veel overvallen – op winkeliers of in woningen – gepleegd door jongeren. Samen met onder andere het Openbaar Ministerie ontwikkelden wij een aanpak om deze overvallen te verminderen. In Amsterdam, Den Haag, Utrecht en Arnhem houden we jonge daders en verdachten met straf en begeleiding in de gaten. 

Elektronische Controle (EC) bij jongvolwassenen

Elektronische Controle zetten wij bij jongvolwassenen regelmatig in om structuur (terug) te brengen in hun leven. Bijvoorbeeld als stok achter de deur om naar school of werk te gaan.

We hebben zoveel mogelijk contact met de jongvolwassene in zijn eigen leefomgeving en betrekken het netwerk en de familie intensief bij het reclasseringstraject.