Naar de navigatie

Gedragstrainer Mariska helpt cliënten zich te ontwikkelen

Na haar stage in 2001 wist Mariska het meteen: “Ik ga hier nooit meer weg. Dit werk zou ik nog als hobby doen.” Inmiddels werkt ze bijna 25 jaar bij Reclassering Nederland. Als toezichthouder en gedragstrainer combineert ze twee rollen die elkaar volgens haar versterken. “Ik vind het mooi om iets voor mensen te betekenen. Zeker voor deze doelgroep, die vaak al veel tegenslagen en negatieve ervaringen in hun leven hebben meegemaakt.”

Dichtbij mensen komen

Mariska heeft passie voor haar werk als reclasseringswerker: “Het mooiste aan het werk als toezichthouder vind ik dat je achter de voordeur mee mag kijken en dat je dichtbij mensen mag komen om ze te ondersteunen. Je kunt vragen stellen die ze in beweging brengen en ze bespreken soms onderwerpen die ze niet eerder hebben gedeeld met anderen. Dat is bijzonder en geeft meerwaarde in het contact.”

Volgens Mariska begint het bij de manier waarop je contact maakt. “Ik denk door empathie, motiverende gespreksvoering en echtheid. Als jij echtheid laat zien, dan krijg je dat ook terug. Mensen voelen zich dan sneller bij je op hun gemak en durven meer met je te delen. Je kunt de diepte in, je mag dichterbij komen en je kunt wezenlijk verschil maken in iemands leven.”

Die manier van werken helpt haar ook om cliënten mee te krijgen in gedragsverandering. “Ik krijg cliënten daardoor makkelijk mee in ‘niet iets wat ze van mij moeten’, maar ‘iets dat ik ze gun’. Ik gun ze dat hun leven verandert en mooier of beter wordt.”

Weerstand verkleinen

Cliënten staan niet altijd te springen om begeleiding of een training. Volgens Mariska kan de manier waarop een professional met weerstand omgaat daarin veel verschil maken.

“Je kunt ervoor zorgen dat weerstand groter wordt, kleiner wordt of niet bestaat. Als je met iemand een gesprek hebt die veel frustraties of emoties heeft en je geeft daar onvoldoende podium voor, dan wordt de weerstand groter. Iemand moet kunnen vertellen en zijn frustratie kwijt kunnen. Pas daarna is er ruimte voor verandering.”

Mariska probeert cliënten daarom niet te vertellen wat ze moeten doen. “Vragen stellen en een open houding, zonder oordeel of je eigen mening. Ik vraag bijvoorbeeld: wat denk jij dat voor jou gaat werken? En ik zeg wel vaker: jij bent je eigen regisseur, jij maakt jouw film, niet ik. Ik kan je wel een beetje naar links of naar rechts laten kijken, maar jij maakt je eigen keuzes.”

Tegelijkertijd betekent empathisch werken niet dat ze geen grenzen stelt. “Ik ben wel duidelijk. Begrenzing geeft rust en duidelijkheid, maar ook veiligheid. Zeker in gedragstrainingen is dat de basis.”

Van gesloten naar open deelnemers

Mariska geeft inmiddels zo’n twintig jaar gedragstrainingen, waaronder de CoVa, CoVa Plus, de huiselijk geweldtraining (BORG) en de WAW (Werken aan Werk). Ze ziet vooral veel waarde in de ontwikkeling die deelnemers doormaken.

Onlangs gaf Mariska de CoVa Plus-training. “In het begin was de groep behoorlijk gesloten. Twee mensen in de groep voelden zich onveilig en wilden niks delen. ‘Ik ga niks vertellen’, zeiden ze. Dat heeft direct effect op alle deelnemers.”

Langzaam veranderde dat. “In de pauze stonden ze buiten samen te roken. Daardoor ontdooide de sfeer al iets meer. Je ziet gesprekjes ontstaan en ook in de training gingen ze steeds meer vertellen.”

Deelnemers leren volgens Mariska veel van elkaar. “Mensen leren van elkaar en ze herkennen zich in de problemen van anderen; ik ben niet de enige die ruzie heeft thuis, ik ben niet de enige die fouten maakt, ik ben niet de enige die me laat overhalen om dingen te doen die ik eigenlijk niet moet doen. Die herkenning is belangrijk en zorgt voor het gezamenlijk werken aan- en het anders leren oplossen van problemen. Het is mooi om te zien hoe ze elkaar feedback geven op gedrag.”

Soms geeft Mariska training aan gedetineerden in de gevangenis. “Daar is sprake van een andere dynamiek met soms wat meer een machocultuur. Ze willen niet voor elkaar onderdoen. Dit kan invloed hebben op de veiligheid en zorgt voor het minder delen van gevoelige informatie.” Haar aanpak blijft hetzelfde: zichzelf zijn, humor gebruiken en aansluiten bij wat iemand wil leren.

Gedragstraining versus reclasseringstoezicht

Die ervaring als trainer neemt ze mee in haar werk als toezichthouder. “Als reclasseringswerker, maar nog wat bewuster in het trainersvak, zijn we gewend om te werken vanuit motiverende gespreksvoering. Dat is de basishouding van waaruit we iemand benaderen. In een training merken we daardoor dat we iemand makkelijker kunnen motiveren en dat we minder weerstand zien.”

Andersom gebruikt ze in haar toezichten steeds vaker onderdelen uit haar trainingen. Zo begeleidt ze een cliënt en zijn partner bij spanningen in hun relatie. Ze zette de BORG-training in als maatwerk, zodat beiden de vaardigheden aan kunnen leren.

Bij een andere cliënt richt ze zich op het vergroten van zijn ‘gereedschapskist’, oftewel zijn copingvaardigheden; hoe ga je om met emoties, hoe geef je grenzen aan, hoe kun je assertief reageren en omgaan met teleurstelling? “Zo probeer ik wat meer uit het toezicht te halen dan enkel een gesprek over hoe het gaat en hoe de afgelopen week is verlopen. Voor mij geeft dat meer voldoening en voor cliënten zijn het extra leerervaringen.”

Kleine stappen zijn ook verandering

Het meest trots is Mariska wanneer ze ziet dat cliënten zelf stappen gaan zetten. “Ik ben er het meest trots op wanneer het me lukt om mensen te motiveren en enthousiast te maken voor gedragsverandering, dat ze daar stappen in zetten en succes van ondervinden.”

Soms komen cliënten daar later op terug. “Uit voorbeelden blijkt dat ze rustig hebben gereageerd, hun grenzen hebben aangegeven, een time out hebben genomen of hun boosheid onder controle hebben gehouden. Dat zijn wauw-momenten voor ons en succeservaringen voor een cliënt. Dat is winst en mooi om te zien.”

Volgens Mariska hoeft gedragsverandering niet meteen groot te zijn. “Het hoeft niet perfect te gaan. Je hoeft niet ineens alles te kunnen. Ik denk altijd: als ze al één ding leren, bijvoorbeeld tijdig om hulp vragen als ze een probleem hebben, dan is dat winst en kan het een nieuw justitiecontact voorkomen.”

Juist daarom blijft ze enthousiast haar werk doen. “Ik gun iedereen oprecht dat hun leven mooier en beter wordt.”

Laatst bijgewerkt op: 20-08-2026